Geschiedenislesje over ons DNA

DNA (DeoxyriboNucleic Acid) is er natuurlijk ‘altijd’ geweest. Maar het heeft wel even geduurd voor we er ook echt meer over te weten kwamen. Er is nog een flinke reis te gaan voor we echt alles over ons DNA zullen begrijpen. Op de tijdlijn van de mensheid beginnen we eigenlijk pas net een beetje te zien wat het precies is en hoe het werkt. Een kleine geschiedenisles…

19e en 20e eeuw

Al in de 19e eeuw begonnen verschillende wetenschappers biologische elementen te beschrijven die van generatie op generatie konden worden doorgegeven en die onze eigenschappen zouden beïnvloeden. Zeker van hun zaak waren ze toen nog niet en het duurde tot het begin van de 20e eeuw voor men op de proppen kwam met het concept van een 'gen'. Het was de invloedrijke Deens wetenschapper Wilhelm Johannsen die op basis van studies met bonenplanten wist aan te tonen dat het gewicht van een boon werd bepaald door, zoals hij dat noemde, genen die het specifiek van ‘zijn ouders’ had geërfd. Later, doordat wetenschappers steeds meer te weten kwamen, zou de omschrijving van een gen evolueren met DNA.

In de jaren ‘40 en ‘50 vonden onderzoekers uit dat genen losse objecten waren die op een vaste, lineaire manier op chromosomen waren gerangschikt. Wetenschappers bleven echter moeite hebben om te begrijpen hoe genen daadwerkelijk van invloed waren op organismen. Een grote doorbraak volgde vervolgens in de jaren vijftig toen meerdere achtereenvolgende ontdekkingen uiteindelijk leidde tot de beantwoording van de vraag waar genetici al meer dan een eeuw mee worstelde: wat is het genetische materiaal? De identificatie van DNA was een feit.

Eiwitten

Na deze ontdekking legde men zich geruime tijd toe op de vraag hoe informatie die in het DNA is opgeslagen, kon worden gebruikt om eiwitten te bouwen. Deze volgende stap werd in de vroege jaren zestig gezet door de gecombineerde inspanningen van afzonderlijke onderzoeksteams onder leiding van Robert W. Holley, H. Gobind Khorana en Marshall W. Nirenberg.

In de jaren die volgde werden er voortdurend stappen gezet in de kennis over en begrip van DNA.
Zo konden moleculaire biologen aan het begin van de jaren zeventig de genetische code ontcijferen en de volgorde van aminozuren in eiwitten voorspellen. En in 1983 werd de ziekte van Huntington de eerste ziekte waarvan men vastgesteld dat deze genetische wordt bepaald en dus de eerste ‘genetische ziekte’ mag worden genoemd.

Menselijk genoom

Het volgende essentiële jaar is 1990. In dat jaar werd namelijk gestart met het Human Genome Project om de volledige structuur van het menselijke DNA in kaart te brengen. Het plan was om deze monster onderneming in 15 jaar te voltooien, maar door de snelle ontwikkeling van beschikbare technieken ging dit veel sneller. Zo wist in 1999 een internationaal team van onderzoekers de volledige genetische code van het menselijk chromosoom 22 te ontrafelen en de volledige 33,5 miljoen chemische componenten te beschrijven. In 2003 werd het Human Genome Project voltooid met het in kaart brengen van 99% van het menselijk genoom.

Uiteraard blijven de ontwikkelingen ook hierna in razend tempo doorgaan. Nu zijn veel inspanningen echter veelal gericht op wat we met de DNA kunnen en hoe de mensheid kan profiteren van deze kennis. Wordt vervolgd...